Sepilok en beyond...

Voor wie dacht dat ik dood was, een grote aap mijn vingers had afgerukt en mijn gezicht opgegeten is mis. Ik ben gisterenavond hier in Jakarta aangekomen en geniet momenteel van het geweldige huis van Ben Polly, een mede-couchsurfer die zelf op dit moment ergens aan het lesgeven is. Het is nu nog vroeg (8.20u) en ik ben al een uur aan’t werken. Tijd voor een pauze.

De laatste dag in Semporna heb ik ook gewerkt, niet gedoken omdat je de dag voor dat je een vliegtuig neemt niet mag duiken. In een impulsieve bui heb ik later die dag (dan toch) beslist om niet te vliegen, maar nog een beetje langer in Borneo te blijven en naar Sepilok te gaan. Sepilok is vooral bekend om het Oerang Oetang rehabilitatiecentrum dat daar gevestigd is. Naar verluid, het grootste van de wereld. Die apen komen alleen voor in Borneo en Sumatra en volgens velen was het de moeite om dit eens gaan te bekijken. Maar eerst even rewinden naar Semporna. De avonden bracht ik daar meestal door in de bar van de duikwinkel. Je kon daar ook heel lekker eten en de mensen van de shop waren zich daar meestal ook aan het bezatten. De laatste dag was een vrijdag, een groepke locals speelde allemaal covers. Heel goed en iedereen dansen (behalve ik, want ik had een heel goei plekske aan den toog bij den tv waar voetbal op was, plus het was daar veel te warm) en dus zweten. Tot twaalf uur, want dan kwam de politie zeggen dat het stiller moest. Wij nog wat verder gedronken, iemand van de pier gesmeten en nog wat meer contacten gelegd. Bleek nu dat er een eindje verderop nog een “disco” open was. Allen daarheen! Lang verhaal heel kort: ’t was laat en veel zatte mensen. De volgende ochtend moest ik de bus naar Sepilok nemen om 7.30u, samen met Lorena (Lori voor de vrienden) een Columbiaanse die in Londen woont en die ik al wel eens een paar keer gezien had, maar tot op die avond geen kennis mee had gemaakt. We spreken af om -indien nodig- elkaar wakker te maken, we sliepen toch op dezelfde gang. Na een erg korte nacht... Oei, allebei overslapen. In zeven haasten alles in die rugzak geramd en in de gietende regen een spurtje getrokken naar de bushalte. We waren nog op tijd, maar een kater was ons gevolgd. Normaal 5 uur afzien, maar bedankt wetenschap voor Ibuprofene, heerlijk. Aangekomen nemen we een kamer in het Sepilok B&B, omringd door jungle en veel muggen, we delen de kamer, want met z’n twee is dat voordeliger én dan hadden we iets meer luxe. Lori woont in Londen en is Arsenal fan, allright! We hebben die avond vanuit ons bed 3 live matchen uit de premier league gekeken, hoewel ik bij de laatste m’n ogen meer dicht dan open had.

In Sepilok is niks maar dan ook niks te zien of te doen. Je hebt er enkel die apen en een Rainforest Discovery Centre. In de voormiddag hebben we dat center bezocht en in de namiddag de apen. Je ziet een hoop gekke vogels en insecten, planten en Chinezen, maar het Discovery Centre was eigenlijk meer tijdverdrijf dan iets anders. Desalniettemin, leuk bezoek. We gaan iets eten en zorgen dat we op tijd in het apencentrum zijn want om 15.00u worden ze gevoederd. Oerang Oetangs zijn cool, er zitten ook een hoop andere apen (die totaal NIET bang zijn van mensen) wat het allemaal best amusant maakte. Een weekend zonder bier vond ook Lori maar vreemd dus voor we terug huiswaarts gaan plunderen we de lokale supermarkt en schaffen we ons een voorraad bier aan. We vullen de avond met nog één matchke, bier drinken en wat random tv gezap.

Lori wil de Kinabalu beklimmen en ik moet daar zijn om mijn vliegtuig naar Jakarta te nemen, we reizen dus nog even samen verder en komen daar (na een busrit van 5u) in de late namiddag aan. De dag ervoor hadden we redelijk wat bier gekocht maar tegen het einde van de eerste helft begon dat al warm te worden en een ijskast hadden we niet. We gooien de overschot in de vriezer van ons nieuwe guesthouse en drinken die na het douchen op terwijl we Family Guy kijken. Om de honger te stillen gaan we eten in een Thaise keet en zetten ons daarna in een bar. Prijs/kwaliteitsgewijs zoeken we uit wat het voordeligst is. We starten met Lori: een pitcher Gin Tonic en ik met een emmer ijs met daarin 5 pinten en blijkbaar trekt dat aandacht. Tegen twaalf uur sluiten ze ook hier de boel, maar wij hadden nog geen zin om naar huis te gaan. Dan maar naar de plekjes die ik al kende van mijn vorig nightlife avontuur hier, maar ook daar is het op een maandag vrij snel gedaan. Nog niet verzadigd nemen enkel locals ons mee met de auto naar een goor steegje waar er nog een club is die open is “till late”. We bestellen een pitcher wodka Sprite, maar de wodka waren ze blijkbaar vergeten. Een hele fles wodka kostte blijkbaar slechts het dubbele. Als ik aan Lori vraag: “can we drink a whole bottle?” knikt ze bevestigend en dus was de keuze snel gemaakt. Als extratje bij die fles kregen we twee flessen Sprite, een kilo gesneden citroenen en unlimited ijs. Nice! ¼ wodkafles later gaat ineens de muziek stiller. Ai, razzia. De obers laden heel onze cocktailbar in een zak en nemen ons mee naar nog een andere club. Grave club en redelijk wat volk. Vanaf hier mis ik ook een paar stukken in mijn film, maar wat ik er nog van weet is dat het heel plezant was. De dj brengt ons diep in de nacht/ochtend terug naar huis en de volgende dag zullen we pas wakker worden om 17u. Net op tijd om te douchen, een Whopper en de taxi naar het vliegveld te nemen. Nogmaals, thank God voor Ibuprofen.


Semporna

Twee dagen en 6 duiken verder. Veel meer dan duiken heb ik hier de voorbije dagen dus niet gedaan. De eilanden hier zijn echt een paradijs. Nogmaals, zoals al eerder gezegd, ik heb al best wat mooie dingen in Zuid Oost Azië gezien, maar dit steekt er toch weer bovenuit. Om 8u ’s morgens vertrekt de boot. De eerste dag zat ik samen met een Zweeds gezin, een Fransman en twee Amerikanen. Het gezin was erbij om te snorkelen. Dus drie duiken gedaan die dag van ongeveer allemaal 60 min en het diepste was 34m. Wat we gezien hebben is moeilijk te omschrijven. Koraal in alle kleuren, maten, soorten en vormen. Vissen al net hetzelfde. Schildpadden groot en klein, gewoonweg alles wat tropisch is en niet kapot gaat in water. De volgende dag van’t zelfde, alleen ging ik nu duiken op Mabul. Daar had ik ook verblijf kunnen boeken, maar om alleen in een resort te gaan zitten in een kamer die drie keer zo duur was... Op Mabul weer 3 duiken gedaan en een hoop gekke dingen gezien. We werden ingedeeld in twee groepjes. We = een boot vol toffe Fransmannen en een Columbiaan met de grappige naam Gonzalo. Ik zat in Team Awsome! Geleid door Matt en Luke. De rest was team two :) Allemaal heel plezante mannen, erg goed gelachen, vooral met de Gonzalo. Boven –én onder water!

Ze hebben daar ook een ‘artificial reef’ (door de mens gemaakt dus) dat vol leven zit. Scholen vissen die je omsingelen waardoor het helemaal donker wordt. Opeens weer een schildpad. GIGANTISCH! Zelfs onze duikleider had nog nooit zo’n grote gezien. Een schild van een dikke 1,5m lang zijn we achteraf overeen gekomen. De Gonzalo houdt het op 2m. Tegen het einde van de dag brengen ze je terug naar Semporna waar je je materiaal afwast en het duiken zit erop. ’s Avonds ga ik meestal nog een paar pinten drinken in de bar van de duikshop waar alle toffe mensen/duikers/backpackers samentroepen. Ik zeg een paar pinten, want ook al drinken ze hier Stella, in dit moslimland vragen ze daar €2 voor. Daarvoor krijg je een verzegeld blikje. Snel even naar de supermarkt lopen en een paar halve liters inslagen zit er ook niet in, want ze verkopen gewoon nergens alcohol.

Op dit moment ben ik nog altijd aan’t twijfelen wat ik de volgende dagen ga doen. Het is ofwel een turbulente vlieger terug naar KK en direct naar Jakarta, ofwel een busrit naar nog een andere plaats in Borneo. Reizen is niet gemakkelijk.


Kota Kinabalu naar Tawau naar Semporna

Klinkt als een hele verplaatsing, maar valt heel goed mee. Deze middag een korte vlucht (1u10min) genomen. Man, ik heb al ooit turbulentie gehad, maar niet zoals vandaag. Ik zweer dat die moeder en dochter naast mij al afscheid van elkaar genomen hadden en zich daarna volledig op het bidden concentreerden. Niet overdreven leuk om mee te maken, maar iets anders dan je gordel nog wat vaster trekken kan je niet echt doen. Om nog maar te zwijgen over die krijsende kinderen. Ik heb een aantal leuke filmpjes en foto's gemaakt onderweg (maar niet van de turbulente momenten) en zal deze vandaag of morgen proberen te posten. Tegen alle verwachtingen in toch veilig geland en dan voor de goedkope oplossing gekozen en eerst naar Tawau stad gegaan met de bus om daar een andere bus te pakken naar Semporna. Rechtstreeks vanaf de luchthaven ging niet, alleen een dure teksi (= taxi in't Malay) Beetje zoals vanuit Arendonk naar Eindhoven rijden via Antwerpen, maar dus wel erg goedkoop. Goedkoop omdat ik hier ben om te duiken en omdat ik wist dat dat een dure onderneming zou worden. De eilanden hier staan in de top vijf (5!) van de wereld om te duiken! Scuba Junkie kende ik van een kennis, daar maar direct naartoe gegaan, 2 dagen met drie duiken per dag en een kamer voor drie nachten geregeld. Prijskaartje 540 + 195 ringit = €185 wat eigenlijk nog best goed meevalt. Mijn kamer is king-size, tv, airco, bureauke, eigen badkamer, wifi,... heel professionele duikshop met supergoed materiaal aan de overkant van't straat.

Morgen staan mijn eerste drie duiken al op het programma. We duiken op Mantabuan:

"Mantabuan is a volcanically formed and mostly submerged island that is paradise for divers who want to see magnificent coral and with unsurpassed visibility. Located northeast from the ancient volcano of Bohedulang, Mantabuan is one of the best islands in the area for manta rays, especially when the currents pick up. Eagle rays and devil rays can often be found in the blue as well. The real star of Mantabuan though is the black coral."

Deze avond nog wat werken en daarna iets drinken, gisteren viel ik al werkende op mijn laptop in slaap, zo hard werk ik hier. Of misschien had het iets te maken met die berg die ik beklommen had eerder die dag...


Mt. Kinabalu


Hier keek ik al lang naar uit en het is ook de belangrijkste reden waarom ik in Kota Kinabalu ben. Kota betekend stad en Kinabalu is gewoon de naam van de berg. De Mt. Kinabalu (4095,2m) is de hoogste berg van Zuid Oost Azië. Pas op, technisch gezien is er nog één hogere in het uiterste noorden van Myanmar, maar dat is een uitloper van de hymalaya en telt daarom niet mee. Op het eerste zicht lijkt dit niet zo hoog, maar om via modderpaden en geïmproviseerde rotsbloktrappen deze heilige berg bestijgen is niet iedereen gegeven. Vraag dat maar aan die Chinese lijken (figuurlijk) die ik achter mij heb gelaten en iedereen die aan de zuurstof moest. Nu wil ik niet arrogant klinken, maar ik wist heel goed waar ik aan begon en ik ben die berg als een zot omhoog gevlogen. Ik had het al een tijd op voorhand geboekt en alles was echt tot in de puntjes in orde. Alleen mijn vervoer naar het park moest ik zelf nog regelen, maar dat was peanuts.

Eens aangekomen krijg ik eerst wat te eten, bergen ze mijn grote rugzak veilig weg en krijg ik ook nog een privé gids ter beschikking, terwijl ik dacht dat we in een groepje naar boven zouden gaan. “You go fast, I go fast, you go slow, I go slow” meer had ik niet nodig om er al direct een stevig tempo tegenaan te smijten, want ik stond strak. Dat minderde al snel, maar eens in m’n ritme ging het toch nog goed vooruit en staken we heel wat slakken voorbij. In het begin kan je het het beste vergelijken met een hardcore boswandeling, maar na een halve kilometer begint het pas echt. Glade grote rotsen en stenen, soms een steil trapje met veel te grote treden, modder,... en een heel vochtige jungle, net zoals jungles moeten zijn. Yeah. Om de kilometer staat er een checkpost waar je eens naar de wc kan gaan en eens rustig van je water kan drinken. Veel mensen slepen zich hijgend en puffend van post naar post of gaan gewoon neer. Volgens mijn gids, gisteren opvallend veel. Wij niet, wij gaan als een speer en zijn in ongeveer 4,5 uur in Laban Rata, zeg maar het basiskamp. Kort daarna begint het stevig te regenen en al de mensen die ik dan nog zie binnenkomen zijn doorweekt terwijl ik nog eens van mijn koffie drink. Het laatste stukje heb ik wel gedaan met Sophie en haar vriendin –wiens naam echt belachelijk moeilijk te onthouden was – uit Londen en Peter uit Australië. Door een panne was er in ons gebouw geen electriciteit dus ook geen warm water. Damn! Dan nog maar eens Bear Grylls’ style onder ijskoud bergwater douchen. Wat daarop volgde was een schranspartij (vooral van Peter en mij) zoals nooit tevoren. Honger dat je krijgt van zo’n inspanning. We praten en lachen nog wat, maar niet te lang, want om 02.00u moeten we weeral opstaan om te ontbijten en om 02.30u naar de top of ‘summit’ te vertrekken.

Ik slaap als een roosje en om 02.00u vlieg ik dan ook uit mijn ketel, opgewonden om eindelijk naar die top te gaan. Mijn drie vrienden slapen erg slecht en zie ik na het ontbijt pas heel veel later terug boven op de top. Overdag hier klimmen is al gevaarlijk, ’s nachts nog veel veel meer. Ik vond het niet nodig om nieuwe batterijen in mijn hoofdlampje te steken en liep er stoms dan ook maar belachelijk bij naast die Chinezen met hun super high tech kopfaar. Daarbij zag ik het een stuk minder goed, maar dus goed dat ik kon profiteren van mijn gele gezelschap. Wel vermoeiend op zo’n hoogte zo’n inspanning leveren, dat viel echt op. Als tweede bereikte ik de top. Altijd als ik iemand of een groepje in mijn vizier had wou ik er naartoe, beetje zoals wielrennen, maar dan klimmen in den donker op een rots. We waren pas laat vertrokken, maar achteraf bekeken had ik het beter een beetje trager gedaan, want eens op de top heb ik daar nog twee uur moeten wachten eer de zon erdoor kwam en iet of wat warme begon af te geven. Belangrijke les: een Dibo regenfrakske is geen winterjas. Maar ik was niet de enige, sommige dwazen hadden het zelfs geriskeerd om in korte broek te komen. Oh en nog iets. Ik ontliep de dag ervoor expres al heel de tijd een super irritant Hollands koppel. Zit ik rustig op de top mijn warmte te rantsoeneren, hoor ik vlak achter mij iemand onophoudelijk zagen over z’n spijkerbroek. Miljaar! Zelfs daar kom je ze tegen! Ik kon wel in dat ravijn springen, maar ben gewoon verhuisd naar de rand van de afgrond. Je ziet de zon heel lang komen en dan ineens is ze daar met haar lekker warme stralen, daar zat iedereen op te wachten. De kodakken worden massaal bovengehaald voor dit toch wel betoverende moment. Ik zou er heel veel worden aan vuil kunnen maken, maar daar naartoe klimmen, dan onder een heldere sterrenhemel naar die top doorzetten, boven de wolken wachten op de sunrise en als het dan eindelijk zover is... onbeschrijflijk. Je kan wel naar de foto’s kijken, maar om het te kunnen vatten zou je erbij moeten geweest zijn. Zonder er overdreven lyrisch over door te drammen, dat hadden we dan ook weeral gehad.

De afdaling dan, volgens sommigen nog zwaarder dan de klim. Eerst weer afdalen tot Laban Rata, nog eens ontbijten en dan waren we weg. Alleen mijn gids en ik. Die afdaling is echt een knie-killer. Constant door de knieën, grote tredes en sprongen pakken, amai, gelukkig heb ik twee goeie. Toch voel ik ze nu nog steeds. Dalen duurt normaal 3 tot 4 uur, maar ik vond het echt mega leuk, mijn knieën werden bijna niks gewaar en ik ging als een tubro-bambi de berg af. Totale tijd, 2u10min. Even ter info: elk jaar is er een wedstrijd om ter snelst de berg op –én af lopen. De climbathon. Snelste tijd staat op naam van een Italiaan... 2u en 33min. Ik klets dus niet uit mijn nek en volgens mijn gids was ik ook verrie goed. Ik herhaal (nogmaals) ik stond dan ook verrie strak. Hup een beneden nog maar eens buffet eten en dan lieten ze me eindelijk gaan. Ik pak de eerste bus terug naar de stad en geniet onderweg van het onwaarschijnlijke mooie landschap van Borneo. Nu heb ik mijn deel Aziatische panorama’s al wel gehad, maar hier kan echt niks tegenop. Borneo is oerknap.

Morgen vlieg ik naar Tawau om overmorgen (normaal) te gaan duiken op Sipadan, één van de mooiste duikplekken ter wereld. Joepie.


Kota Kinabalu nightlife

Speciaal voor diegene die altijd zeggen dat ik meer berichten moet posten... Ik ging gisteren richting bar waar ik prijs/hoeveelheid iets bestel wat je normaal met een paar man opdrinkt. Een gigantische emmer ijs met daarin 6 blikjes Skoll-bier. Best te drinken overigens. Dit trok wel de aandacht van de locals, aangezien ze blijkbaar nog nooit iemand zo'n vat met 6 blikjes alleen hebben zien aanvallen. Ik had grote dorst en je moet hier veel drinken, dus zo lang heeft dat niet geduurd, maar nog voor ik van mijn eerste pintje gedronken had stonden er al twee kerels aan mijn tafel om wat te burten. Het "optreden" van die avond kan je denk ik best nabootsen door een varken te wurgen.

Ook al had ik tegen mezelf gezegd het niet te smerig te maken die avond, hier kon ik het niet bij laten en laat me afzetten door de locals aan "the beachfront". De dijk zeg maar waar normaalgesproken veel toeristen rondhangen. Weer prijsbewust laat ik me verleiden tot twee grote Heinekens. Ik ben geen roker, maar zo'n grote waterpijp ruikt altijd wel lekker, na een poos bestel ik er eentje met munt. Overigens weer iets wat je normaal met een paar man aanvat. Komt er na een tijdje een Australisch meisje (Jane) vragen of het lekker is, want hun watermeloen-pijp valt tegen, ik zeg proef zelf maar. Lang verhaal kort, dat van mij was veel lekkerder en in no time zit ik met Jess en haar vriend Tim, twee waterpijpen en veel bier op het terras. Heel plezante mensen. Ik vertel mijn gay-dentist verhaal, zij vertellen beschamende verhalen, enz... We duiken nog een paar keten binnen en hij trakteert mij op een pintje. Een extreem duur pintje, maar er was niks anders meer open. De ongeschreven regel zegt dat je er altijd één terug geeft dus ik doe dat. Fuck man, 69RM (€17) voor twee pintjes en een screwdriver, daar gaat mijn besparingsplan voor de avond. Nuja, het was heel plezant, we zijn achteraf nog iets gaan eten en als ik ooit in Australië kom hoef ik al zeker niet bij een gay-dentist te slapen.

Baai!

 


Kampong Speu, Kuala Lumpur en naar Kota Kinabalu

In Kampong Speu spreekt niemand Engels. Ik probeer met behulp van veel gebaren en een paar lelijke tekeningen duidelijk te maken waar ik naartoe wil. De bus had me echter afgezet op de “grote markt”. Wow, het was precies weer een tijdje geleden dat daar een blanke was geweest. Zit daar een kereltje in een telefoonshopke naar mij te lachen. Zomaar, zonder reden. Ik denk, die moet ik hebben. Vichetr (wie ik daar ken) had mij zijn nummer gestuurd via facebook, maar ik was het vergeten op te schrijven. Ik had dus ofwel een computer met internet nodig, ofwel iemand die de Sao Sary Foundation kende. Dat laatste bleek een hopelijze zaak dus stapte ik naar het lachende telefoonmannetje. Ik zeg:” wa zitte gai nar mai te lache jom!?” Nee, nee, das nie waar. Ik heb hem in heel simpele sleutelwoorden gevraagd voor internet: “You – internet – me?” Waarop hij antwoordde:”Yes yes” en een computer tevoorschijn toverde van onder het stof op het bureauke waaraan ik zat. Ik had hem zelfs niet zien staan, zo goed was hij verstoft. Ik vind de nummer en zeg tegen hem:”you-call-pickup” en 10 minuten later stond daar iemand met een brommerke om mij op te pikken. In het SSF is nog niet zoveel veranderd, alleen waren er nu niet zoveel kinderen omdat 1) het school was 2) december en januari altijd heel erg rustige maanden zijn. Door de goeie steun (en website) van de voorbije jaren waren ze nu in staat om nog een gebouw bij te huren zodat ze één gebouw konden gebruiken voor de kinderen (school, lessen, workshops, verblijf,...) en een ander puur als bureau en guesthouse. Want tegenwoordig werkt er al aardig wat volk. Ik heb de verhuis een beetje mee geholpen en voor de rest de tamzak uitgehangen. Gewerkt voor Imaxx wat ik kon, maar die dag gingen ze ook net de satteliet (voor internet) verplaatsen naar het nieuwe gebouw, veel heb ik dus niet kunnen doen. Ik had voor mijn vertrek nog rap 7 seizoenen van ‘how I met your mother’ gedownload en daar heb ik er die avond redelijk veel van verslonden. Ik sliep trouwens in een groot bed van Winnie the Pooh :) De tweede dag nog wat mee gerommeld, gepraat met wat vrijwilligers, gegeten en naar Phnom Pehn vertrokken omdat ik mijn vliegtuig moest halen naar Kuala Lumpur. Allemaal zonder problemen.

In Kuala Lumpur ga ik couchsurfen. Voor wie dit nog steeds niet kent, gratis slapen bij een gastvrije complete vreemde. Een tijdje geleden had ik al iemand gezocht die dicht bij het vliegveld woonde (voor zover dat daar kan) en alles daarmee geregeld. Hij pikt mij (na enige vertraging) zelfs op in het centraal station, maakt een toerke door de stad, laat me vanalles zien en wou met mij gaan eten, maar ik had met de rapte in’t station nog een nasi schotel binnen gestoken. Dan maar naar hem thuis. Een mega appartement waar ik (voorlopig :) ) alleen nog maar van kan dromen. Echt super overdreven chique, luxueus en groot. Moeilijk te beschrijven. Zijn balkon kijkt uit over Kuala Lumpur city, overal lichtjes en de KL Tower en de Petronas Towers verlicht in de verte, maar toch nog redelijk dichtbij. Hij is tandarts en heeft twee praktijken, dat verklaart veel. De wijn wordt bovengehaald en we zitten wat te burten op zijn schoon terras, maar hoe meer wijn die drinkt, hoe vreemder hij doet. Ineens valt mijn frank waarom dat huis zo netjes is, die badkamer zo proper en alles zo perfect bij een single vent thuis... maar dan, dan zet hij ook als achtergrondmuziek de cd van (jawel wtf) James Blunt op en valt mijn portemonnee helemaal leeg! Nu heb ik niks tegen homo’s, maar als ze beginnen vragen wat ik van massages vind en mij zat beginnen voeren... Mijn eerste gedacht was om gewoon van dat balkon te springen, maar omdat het maar drie hoog was, was de kans te klein dat ik in één keer dood zou zijn. Dus ik begin extreem overdreven te geeuwen en acteer dat ik geweldig moe ben. Hij komt met de vraag: “are you tired yet?” Ik zeg ja, maar dat was voor hem blijkbaar het teken om 12 jaar oude wiskey boven te halen. Uit beleefdheid heb ik daar maar van gedronken, maar hij bleef mijn glas maar bijvullen. Tot ik zei, nu is het genoeg, ik ga naar mijn kamer en ik doe de deur op slot. Hij stond erop dat hij mij nog een massage mocht geven, mannelijk en beloofde me niet te verkrachten. Hij heeft mijn rug aangeraakt (rechtstaand welteverstaan) een voor de grap eens aan mijn broek getrokken, toen ben ik kwaad geworden en hem eruit gegooid. Fuck man. Hij heeft zich achteraf wel grondig geexcuseerd. Gek verhaal he? :-) Alle laat de grapkes nu maar komen. ’s Morgens de trein naar de luchthaven gepakt, het vliegtuig op en nu ben ik al de hele dag in Kota Kinabalu op Borneo. Het is hier eigenlijk heel leuk, heeft veel weg van een kuststad in België. Alleen meer moslims. Morgen meer... ik ga me nu in’t nachtleven smijten.

Tjaauwkes.

PS: Vergeet de foto's niet regelmatig te checken.

King-size-couchsurf-bed


Kuala Lumpur en Dag 1 Hong Kong

't Is al middernacht als we in Kuala Lumpur aankomen. Tegenover de bushalte zijn enkele goedkope hotellekes, nadat we ze allemaal zijn afgegaan beslissen we toch het eerste hotelleke te nemen. Een kotje zonder ramen maar met airco en tv. We zien hoe Liverpool Aston Villa met de grond gelijk maakt. (joehoe!) We verbouwen de keet nog een beetje naar onze wensen en gaan daarna slapen.

We staan redelijk op tijd op om een dag in KL (Kej El - zo noemt iedereen het hier) te spenderen. We vertrekken via China town, langs een paar drukke straten en checken onderwege onze vlucht naar Hong Kong. We dwalen wat rond in de grote stad die op zich niet zoveel te bieden heeft. Buiten de KL tower en de Petronas towers natuurlijk. Daarnaast is het ook nog eens lekker heet. Na een tijdje begeven we ons dan toch richting Petronas towers, eens daar aangekomen blijkt het dat je op maandag niet naar boven kan in de torens. Dat maakte de ervaring niet minder om, die torens zijn gewoon machtig! En alles errond en onder ook. We krijgen honger en zoeken nog maar eens naar een McDonalds, die vinden we natuurlijk in zo'n stad in no time.

Nog maar eens zeggen we dat dit de laatste keer zal zijn... Te voet gaan we op zoek naar onze volgende bestemming, een winkelcentrum waar een rollercoaster doorloopt. Ook dit vinden we binnen aanzienlijke tijd alleen er geraken vergde wat inspanning, het was nog steeds zeer lekker warm. In het winkelcentrum staan de massages in promotie, nadat we alle verdiepingen gezien hebben gaan we in op een nek+schouder+oorkaars promo. Nek en schouder was voor Joke in orde, voor Nick een pijnlijke ervaring. Net zoals bij de voetmassage in Malacca vonden ze hier blijkbaar dat het pijn moest doen. De oorkaarsen waren wel in orde. (denken we) We gaan er in Belgie een paar zoeken om hun echte nut te achterhalen. De vader van Bart Wellens gebruikt die ook dus zo'n kaarsen vinden moet niet echt een probleem zijn. Gemasseerd en met een helder gehoor dwalen we terug naar ons hotel. We douchen in de douche op de gang en zoeken savos nog een internetcafe om nog eens te bellen met de familie en er wat foto's op te zetten.

P1080884

Vandaag gaan we naar Hong Kong, we kijken er beide best naar uit. We ontdekken dat het vele malgen goedkoper is om de bus te nemen dan een taxi en gaan dan ook naar het busstation aan de overkant van de straat. Na enkele misverstanden zitten we dan toch op de juiste bus richting luchthaven. Een luchthaven waar de signalisatie beter kan en zou moeten voor één van dit formaat. We schaffen ons een zak snoep aan en wachten aan de gate. Vanuit het soms hard wieggelende vliegtuig zien we een onweer, maar dit baart ons geen zorgen, de piloot zag er bekwaam uit (maken we onszelf wijs) en de crew zorg voor onboard entertainment d.m.v. enkele vrijwilligers naar voor te roepen en er een grappige kwis mee te spelen. Nooit gezien in een vlieger.
Op de luchthaven nemen we snel even contact op met Sid, de couchsurfer waar we onze laatste dagen gaan spenderen om te zeggen dat we eraan komen. Althans dat hopen we toch, want we moeten op zoek naar een klein appartement ergens in de betonnen jungle van het gigantische Hong Kong. Gelukkig zijn de Chinezen erg vriendelijk en behulpzaam en vinden we zonder veel moeite na een uurtje waar we moeten zijn. Er verblijven op dit moment nog twee mensen. Andreas en Kenneth uit Svenska. We maken kennis, bekijken enkele foto's en spreken af om de volgende dag met hen op stap te gaan. Zo leren we de stad gemakkelijk kennen zonder er in verloren te lopen. Zo gezegd, zo gedaan, maar hoe dat is afgelopen lezen jullie in een volgende spannende aflevering...


Mallaca en Tioman

We huren een brommer en verkennen de buurt. Het is blijkbaar niet zo evident dat toeristen hier rondbrommeren: we hebben geen enkele andere brommertoerist gezien en af en toe passeert er iemand die zijn duim omhoog steekt en lacht, we denken maar dat ze ons cool vinden.
Omdat het een warme dag is, besluiten we de stad bezoeken voor de volgende dag te houden en naar een waterpretpark te rijden. 't Was wat verder dan we dachten, maar na een uur zijn we er. Weer zijn we de enigste toeristen. Het is soms leuk ergens alleen als toerist te zijn, maar in een zwembad met de grote meerderheid moslims niet echt. Bikini en badpak wordt er niet vertoond. Vele vrouwen gaan zelfs met lange broek en doek op hun hoofd het water in. Ik heb me dan ook maar verhuld in een doek. Vervelend als je het water uitkomt, dat plakt langs alle kanten aan je lijf. Nick heeft geen problemen, en kan gelijk alle mannen in z'n zwembroek rond lopen.
We krijgen nog een 'spetterend' optreden van een nu nog onbekende dansformatie en houden het daarna voor bekeken.

P1080831

19/03
We verkennen de stad, ditmaal eens te voet. Vele toeristen verkennen de stad met een disco-tuktuk met een teveel aan bloemen versierd (zie foto en filmke). Het valt al meteen op dat de Portugezen en Hollanders er een portie gebouwen hebben achtergelaten. We passeren één voor één de gebouwen en bezienswaardigheden die in ons boekske staan. We hadden Mallaca echter nog gezelliger en mooier verwacht.
In de namiddag doen we een stadsrondvaart. Een mooie afsluiter van Malacca denken we. Maar wat een tegenvaller seg. De boot vaart rond ja, in een gracht, maar er valt weinig te zien. We knikkebollen zelfs allebei eens.
Omdat Malacca ons wat tegen viel en hier niet langer willen blijven, beslissen we naar het Tioman eiland te gaan. Volgens de boekskes één van de mooiste eilanden van de wereld. Dat moeten we gezien hebben.

Vanuit Malacca nemen we een bus richting Mersing (hier vertrekt de boot naar Tioman eiland). In een reisbureau vertelden ze ons dat de boot om 07.30 vertrekt, dus moeten we in Mersing blijven slapen en 's morgens vroeg de boot nemen. Als we in Mersing aankomen (23.30) blijkt dat de boot niet om 07.30 vertrekt, maar om 03.00 's nachts. Ze moeten hier rekening houden met hoogtijd en laagtijd, vandaar. We slapen (liggen op bed) twee uur en gaan dan naar de pier, daar wachten we nog eens een half uurtje om daarna anderhalf uur in de boot te zitten/slapen. We komen rond 5u in de ochtend aan op het eiland waar iedereen nog slaapt, behalve de vleermuizen. Het zijn grote vleermuizen, precies mini-batmannen. Na een tijdje rondslenteren in de donker krijgen we te horen dat het nog steeds vakantie is op Tioman en dat alle bungalows e.d. wel eens vol zouden kunnen zitten, met een ei in ons broek gaan we naar de eerste receptie die we zien opengaan rond een uur of zes. Geluk! Er is nog 1 bungalow vrij, we nemen hem en crashen voor de derde keer die nacht en slapen tot een uur of elf.

We drinken onze koffie en eten onze annanas met uitzicht op de zee, daarna blazen we Joke haar luchtmatras op, neem ik mijn snorkelgerief en begeven we ons in de zee. We hebben deze reis al mooie eilanden en waters gezien, maar dit slaagt alles. Ik heb al in zwembaden gezeten waar je minder ver kan kijken onder water. Koraal en vissen in alle kleuren. Zichtbaarheid van makkelijk 30m, dit wordt niet voor niets een paradijs voor duikers genoemd. Duiken zat er echter voor mij niet in want dan moesten we naar de geldautomaat aan de andere kant van het eiland, maar geen erg, ik zwem zo naar alle duikers die ik onder mij zie passeren en die maar evenveel zien als ik. Na een vermoeiende dag in het water gaan we 's avonds nog even vissen, een hapje eten en spelen we naar goede gewoonte ons potje carcasonne, terug in onze kamer kijk ik nog een show van Theo Maassen terwijl Joke stilletjes in slaap dommelt.

Vandaag maken we een trip rond het eiland en stoppen hier en daar om de buurt te verkennen en wat te snorkelen. De ene plek al wat boeiender dan de andere, maar de plek waar we stoppen om te snorkelen is weer allesovertreffend! De zee is hier gevuld met kraantjeswater. Ik zie barracuda's, snappers, grote scholen onbekende vissen, murenes, zwartvin haaien,... Ons gezelschap heeft niet meer gesnorkeld nadat ik vertelde over de haaien, hoewel deze niks zullen doen. De volgende plaatsen spelen we nog wat met de visjes (ze eten uit onze hand, mond,...) en praten we nog wat met het Singaporiaanse koppel waar we de boot mee delen. 's Avonds doen we ongeveer hetzelfde als de dag voordien, alleen kijkt Joke deze keer ook mee naar de film. De ochtend erna is het slecht weer, sjans want die dag gaan we terug naar Kuala Lumpur om dinsdag onze vlieger te hebben naar Hong Kong*.

* Waar we ondertussen veilig geland en op ons plaats zijn.


Het zit er bijna op

Vandaag (sebiet) vliegen we naar Hong Kong, dan mag je waarschijnlijk nog 2 keer een bericht van ons verwachten en enkele filmpjes.

Tot in Hong Kong...