Hué, Hoi An en Mui Né

Terug in Vietnam

Ik geef Vietnam een tweede kans. Na een teleurstellend bezoek gedurende drie weken in 2009 had ik deze keer goede hoop. Er bleek echter niks veranderd. Jawel, ze proberen u nog harder in't zak te zetten :) Of kwam ik gewoon altijd de verkeerde mensen tegen?

 

De bus van Hué naar Hoi An

We stappen in onze bus met de kat in een draagtas die er uitziet als een gewone normale kleine koffer. Geen probleem. Tot even later één van de busmensen ziet dat er een kat inzit. Ter plekke verzonnen kattentarief: vijftien euro extra! Ik heb geen zin in een discussie, kijk hem lelijk aan en zeg nee. Al een geluk dat zijn kompaan de bus vol aan’t rammen was met mensen in de twee wandelgangen waardoor hij niet op zijn plek kon blijven staan. Ik wel en de kat ook. Het rijdende sardienenblik dropt ons bijna 3 uur later dan gepland in Hoi An. Unesco werelderfgoed, historisch beschermd en idyllisch gelegen, maar ook toeristenmagneet. Opvallend veel vergrijsde Franse koppels die hier waarschijnlijk in hun kindertijd nog zandkastelen gebouwd hebben.

 

Lampionnekes in Hoi An

 

Ik laat het allemaal niet aan mijn koude (ondertussen natte) kleren komen en we vinden snel een leuk hotel, al moet er altijd eerst wat poes-pas aan voorafgaan omdat we een kat bijhebben. Hoi An, bekend voor zijn lampionnekes is een must-do voor iedereen die door Vietnam reist en heeft in die paar jaar niks van zijn charme verloren. Alleen misschien spijtig dat het echt zo toeristisch is dat het op den duur allemaal wat fake begint aan te voelen. In een poging wat lokale cultuur op te doen gaan we Kom Su eten, een noodle specialiteit die je alleen hier kan eten. Lekker, want de volgende dag komen we er nog eens voor terug. Van al dat slenteren ben ik lui geworden, te lui om mijn eigen nagels af te bijten dus gaan we voor de belachelijk lage prijs van $2 naar het beauty salon voor een pedi –en manicure.

De nacht is nog jong en aan de overkant van het water valt precies nog wel iets te beleven. Tot 23u, daarna trekken alle overblijvers – eigenlijk alleen backpackers -  naar de YouTube bar. Het enige café in town. Muziek wordt verzorgt door de klanten die op een publiek beschikbare laptop YouTube filmpjes kiezen. Er vormt zich al snel een rij en een opeenvolging van slechte muziek, vooral gekozen door Amerikanen die blijkbaar niet alleen mentaal, maar ook muzikaal een paar jaar achterstaan. Wij zitten er niet veel mee in, maar me laten gaan op blue dabadi dabadoo kon ik toch (nog) niet.

’s Anderendaags hebben we nood aan wat rust en waar beter bekomen dan in een taverne waar alleen doofstommen werken. Ze verstaan hier dus niks en kunnen ook niks uitleggen. Een beetje zoals frituur Afrit 26, alleen krijg je hier wel wat je besteld had.

Tijd om te vertrekken en ontdekken dat de ATM van gisterenavond mijn bankkaart heeft opgegeten. De aanwijzingen die ik krijg in het lokale postkantoor zijn waardeloos en de brommertaxi’s die me voor veel geld willen vervoeren en beweren wel te weten waar ik mijn kaart moet recupereren maken me alleen maar vervelend. Ze kunnen allemaal de pot op, ik ben hierop voorzien en kan eindelijk die reserve kaart eens gebruiken die ik altijd meeneem. Als ik nu de code nog maar eens wist…

 

Riksja

 

Via Hué naar Mui Né

Dat klinkt leuker dan het was. Als laatste stappen we op de bus terug naar Hué, maar verrassing… van de bijgelovige buschauffeur mag de kat weer niet mee. “Not even for one thousand dollars!!” Gelukkig is zijn collega iets minder bijgelovig. Soit, voor $20 toch. Wat volgt is een extreem verwarrend half uur waarbij Yulia in één bus zit, onze bagage in de andere en de kat en ik op een brommer. Als bij wonder komt alles uiteindelijk terug samen en ‘s avonds vliegen we terug naar HCM om ‘s anderendaags verder te reizen naar Mui Né.

Die reis verliep echter weer niet zonder slag of stoot. Het begon serieus duidelijk te worden dat alle bestuurders hier bijzonder bijgelovig waren als het aankwam op het vervoer van katten, want weer was niemand bereid om ons te mee te nemen zodat we uiteindelijk een privé chauffeur hebben moeten zoeken die voor een paar dollar zijn geloof wou laten afkopen. Ondertussen heeft onze Russische vriend Fikys zich bij ons gevoegd voor de rit naar Mui Né. De stresserende verplaatsingen met ons huisdier mogen nu even ophouden. Onderweg drinken we al wat pintjes en zaaien we verwarring in een tankstation. Eens in Mui Né kijk ik mijn ogen uit. Het slapende dorpje aan de kust is getransformeerd in wat lijkt op een low-budget Aziatische variant van Las Vegas. Maar dan in het Russisch! Met moeite vind ik nog een Vietnamees in het straatbeeld, laat staan iets dat niet in het Russisch geschreven is. En eigenlijk… vind ik dat helemaal niet zo erg. We sluiten de dag af in het seafood restaurant bij Bo Ke, met wat schelpjes, gamba’s en bier uit Saigon.

's Ochtends een plekje gevonden dat op mijn lijf geschreven was, bij Mr. Tam. Al was het tammen van korte duur. Na een snelle plons in het zwembad had Yulia een sessie met haar fitness coach Lena en ik mocht (lees moest) meedoen. De gevolgen van de Sovjet training waren aanzienlijk. Mijn armen waren herleid tot nutteloze aanhangsels die het aan -en uitkleden alleen maar bemoeilijkten. Eten ging nog net, als ik niet teveel op mijn vork nam. Kort daarna ben ik beste vrienden geworden met de mensen van het lokale massagesalon die me terug mals gemaakt hebben. De resterende tijd hebben we ons geamuseerd met slangen eten, kite-surfen, pintjes drinken,... en het voorbereiden van de nakende verhuis naar Thailand.


Ho Chi Minh en de natte grotten van Dong Hoi

Stop and go...

Eindelijk aangekomen… om al bijna terug te kunnen vertrekken. Maar daarover later meer. Eerste stop: de kapper. Er was voor mij een afspraak gemaakt bij een Vietnamese kapster met Japanse roots. Japanners staan garant voor ‘weird stuff’ en vreemd genoeg had deze styliste met voorliefde voor snit en haar een kaal hoofd. Het was al laat, ze ging haastig te werk en het resultaat kon ermee door, maar naar haar bekende “masseren van de oogballen” kon ik fluiten.

Bui Vien. Een bekende (backpackers)straat in Ho Chi Mhin. Voor de reizigers: een beetje zoals Khao San Road in Bangkok, maar iets kleinschaliger. Voor de niet reizigers: een drukke straat met veel zatte mensen op kleine plastieken stoeltjes. Echter geen nachtgebraak vandaag want om 4u moeten we alweer opstaan om terug (jawel) naar de luchthaven te gaan omdat we vliegen naar Hué in het noorden van Vietnam. Kat in het bakkie! (Letterlijk) Al vraagt het enige voorbereiding en doorzettingsvermogen om te reizen met een kat in Vietnam, zeker als je weet dat katten hier verwenst worden en iedereen gelooft dat ze ongeluk brengen in uw voertuig. Zie het als St. Christoffel from hell in katvorm.

Zonder van de radar te verdwijnen aangekomen in Hué en direct naar het treinstation om de trein naar Dong Hoi te nemen. Die vertrekt echter pas over twee en een half uur dus zetten we ons op een terras. Ik weet na al dat reizen en wisselen van tijdzones niet meer waar de klok of klepel hangt, maar het was tijd voor een pintje. Ondertussen trekt onze kattenbak veel toeschouwers die watertandend een glimp proberen op te vangen van onze kabouter-tijger. In de trein meer van hetzelfde.

 

Trein naar Ho Chi Minh

 

Dong Hoi

In Dong Hoi is niks te zien en nog minder te beleven. Al vinden we er een leuk hotel. Het is een slapend stadje dat tot voor kort nog onbekender was dan het nu is, tot een paar jaar geleden een verdwaalde rijstboer een gigantische grot vond op zijn erf. En daarna nog een paar. De Hang Soon Dong Cave zou de grootste grot ter wereld zijn. Blijkt echter wel dat je voor National Geographic moet werken om er binnen te mogen of $6000 neertellen voor een excursie van 10 dagen in het donker. Dan kan ik evengoed thuis blijven en overwinteren in Retie. Als troostsprijs voor ontgoochelde amateur speleologen zijn er nog twee andere ondergrondse toppers. Paradise Cave en Phong Nha Cave. We checken hun locatie om ze de volgende dag te komen bezoeken en stoppen nog even bij een Australische farmstay.

 

Platteland rond Dong Hoi

 

De volgende dag regent het. En geen gewone regen. Een zondvloed. Gelukkig zijn het hier Boeddhisten want elke vroome Christen had beginnen bouwen aan een ark. Onze trip valt letterlijk in het water en we passen voor de natte grotten. Goed nieuws voor onze baas en klanten want nu kunnen we een hele dag ongestoord werken, al maken we ’s avonds nog een korte wandeling door Boring Hoi. Het enige waarvoor deze plek bekend staat en het enige waarvoor mensen helemaal tot hier afzakken hebben we dus niet gedaan, al laten we dat niet aan ons hart komen. We treinen terug naar Hué en zien dat daar de zon terug schijnt. De oude stad die ik daar al eens bezocht was nog wat ouder geworden, maar op zich niets veranderd. We drinken teveel café suda (Vietnamese ice coffee) en bestellen voor de volgende dag een superstrakke bus naar Hoi An.

 


"You will not go on this flight!"

Goed begonnen...

We staan in de file onderweg naar Düsseldorf en ik moet pissen als een kameel. Geen parking in zicht, geen Loza fles in de buurt en geen chauffeur die even wil wachten terwijl ik in de middenberm mijn ding doe. Iets verder in de rij komt er gelukkig eindelijk schot in de zaak en niet veel later kan ik helemaal los gaan langs de kant van een afrit. Niet veel tijd over, dus eventjes gas geben op de autobahn. Toch nog op tijd dus ga ik maar direct inchecken. Of toch niet.

 

Düsseldorf airport

 

Visum?

Er bestaat blijkbaar veel verwarring over het al dan niet nodig zijn van een visum voor Vietnam als je daar naartoe wil vliegen. Vanuit België blijkbaar geen probleem (je moet dan wel een papier tekenen dat je zelf verantwoordelijk bent) maar in Duitsland gaat er een rode lamp branden en behandelen ze je ineens alsof je 20 kilo cocaïne in je gat hebt zitten. Ik had nogtans gebeld naar de Vietnamese ambassade in Brussel om dit na te vragen en volgens hen was dat geen probleem als ik binnen de 15 dagen het land zou verlaten. Voor de mevrouw van Berlin Airlines dus wel. Ook al had ik reeds een geldig Thais visum van een half jaar, niks kon deze furie/führer van haar stuk brengen. Verdomme! En charmes heb ik ook al niet. Ze verwijzen me door naar de ticket counter. Ticket? Ik heb toch al een ticket? "No mister, you must buy new ticket!" Wablieft? Kunnen ze dat niet gewoon verzetten? Wat volgde was een lange aaneenschakeling van schelden, vriendelijk zijn, roepen, kalmeren en telefoneren. Uiteindelijk heb ik via mijn travelagent mijn ticket kunnen omboeken voor 'slechts' een paar honderd euro. Maar naar Thailand ipv Vietnam! In ieder geval beter dan een nieuw ticket kopen.

Ik ben ontgoocheld. Ik zou op mijn sokken in een vliegtuig richting Azië moeten zitten maar ik sta in een lege Duitse luchthaven met Fritz die niet weet dat hij gratis wifi uitzend met zijn iPhone. Wat zijn mijn opties? Taxi plus overnachting in het Sheraton hotel vlakbij de luchthaven kost ongeveer evenveel als 1 maand leven in Thailand. Ik bel onze Mario eens om te polsen of die misschien nog onderweg naar huis is. Hij was 5 minuten thuis, net genoeg om tegen Tinne te zeggen dat hij terug weg was. Ik begin alvast aan de voorbereiding van een nachtje doorwerken om toch snel in Vietnam te geraken. Via allerlei achterpoortjes en al dan niet illegale visumbreau's krijg ik voor $40 een "speciaal papier" waarmee ik direct een visum on arrival zou krijgen.

 

Iedereen nog mee?

Dus de volgende dag terug naar de luchthaven en ik vlieg naar Bangkok. Kak! Wat nu weer, ik heb een Thais visum voor 6 maanden (3x2 maanden), maar als ze dat nu al afstempelen dan kom ik er niet. Gelukkig staan er al wat stempels in mijn paspoort en ziet het er al wat versleten uit. Ik plak de pagina met mijn Thais visum aan de vorige zodat de kerel van de douane dit niet zou zien en mij gewoon zou binnenlaten. Met een beetje geluk werkt dit nog ook.

's Avonds laat ik de Khao San links liggen en kijk ik live vanuit mijn bed naar de oefenmatch van de Rode Duivels met een paar Leo's en een pad thai achter de kiezen, overnacht daar en neem de volgende dag een ander vliegtuig verder naar Ho Chi Minh in Vietnam waarna ik dus eindelijk aankom op mijn bestemming.

Misschien niet de leukste ervaring en het beste blogbericht, maar die dingen horen er ook bij.

Al was dit maar het begin...

 


Hanoi en uitstapjes

Nachtbus genomen van Hue naar Hanoi. In de bus ontmoeten we Andy, een Australiër. Hij leert ons het kaartspelletje shithead, bekend onder de backpackers. Tof spelleke. Den tijd gaat zo ook snel voorbij.

Als we wakker worden in Hanoi, worden we direct geconfronteerd met kraamjes met dode honden. Honden, met alle onderdelen er nog aan, schoon bruin gebakken gelijk een kieke aan't spit, zijn mooi opgestapeld.

We vinden een guesthouse en doen voor de rest van de dag eigenlijk niks. Een beetje rondhangen, terrasje doen, trip boeken voor de komende dagen, ...
's Avonds hebben we afgesproken met Davy en Roos van België. Via 't internet proberen we elkaar te contacteren, waar we juist afspreken. Hmmm, ineens kunnen we niet meer op het internet. Dan maar op goed geluk naar hun hotel stappen.
En wie komen we onderweg tegen? Wat een chanche... Davy en Roos. 't wordt nogmaals een gezellig avondje met ons vieren.

15/02
We maken een uitstap naar de Perfume Pagoda. In het boek, heel mooi voorgesteld. Ze hadden ons helaas niet verteld dat er deze periode een festival aan de gang was. Alle vietnamezen moeten in deze periode naar de pagoda om offers te brengen aan boedha. Wat een drukte. We dachten eens rustig tussen de mooie landschappen te kunnen varen. Neen, overal waar je keek,waren er andere bootje met kleine vietnamezen, de ene groep al wa vervelender dan de andere. We stonden soms zelfs in de file, op een rivier van 60 meter breed. Niet leuk. Maar alé het landschap was wel heel mooi. Na een tocht van een uur parkeren we onze boot tussen de 100-den andere bootjes. Een echte hekseketel.

Tussen de massa volgen we onze gids richting de ingang van de weg naar de perfume pagoda. We worden nog eens geconfronteerd met het vleeswaar dat ze hiet op straat verkopen. honden, een half varken, herten, een kalf waar je de ruggenwervel het hoofd en het gat enkel van ziet (af en toe snijden ze er nog eens een stuk af),... allemaal aan een haak voor het kraamje opgehangen. 'Een halve hond bestellen?, geen probleem,... ze kappen gewoon een hond in 2, (je kan dan nog kiezen voor hoofd of gat), alsjeblieft, smakelijk. Het andere stuk hangen ze terug aan de haak.
We lunchen eerst met de groep voor we aan onze tocht naar de pagode beginnen. Wat we daar allemaal hebben gegeten, dat weten we niet.
En toen begon onze tocht naar de Pagode. Na een halve kilometer scheiden onze wegen, ik neem de kabelbaan (omdat het een zware wandeling is van een uur), Nick neemt de benenwagen. De gids verzekerde ons dat we bovenaan elkaar zouden terug zien.

Na ongeveer een uur trekken en duwen heb ik dan toch mijn plaatsje in de kabellift te pakken. Op enkele minuten ben ik boven terwijl Nick in de broeiende hitte te voet naar boven aan het wandelen is. Althans dat dacht ik... Later blijkt dat het begin van de wandeling naar de top in het begin redelijk vlot ging, maar naar de top toe het steeds drukker en gevaarlijker werd. Nick vertelt: Naarmate we (ik en twee andere meisjes van onze groep die ik heel de tocht in't oog heb) de top naderen zijn er meer en meer Vietnamezen die zich onbeschaamd overal voorgooien, tussen wringen en door trekken en duwen een trapje hoger willen te komen staan, wat op sommige ogenblikken serieus vervelend werd. Toen kon je het nog voorstellen als een zeer zeer drukke jaarmarkt op een grote trap. Even later (we zitten dan ook een stuk hoger in de bergen) wordt de trap smaller en smaller en de drukte groter en groter. Zo groot op den duur dat de mensen die naar boven willen niet meer naar boven kunnen en die naar beneden willen, niet meer naar benden kunnen. Er ontstaat een soort van mini-heizel-drama sfeer, allemaal op de klif van een berg die als trap moet dienen. In het verlengde van deze trap des doods is een bamboe terras gebouwd vanwaar je normaal van het uitzicht kan genieten. Door de immense drukte en oncontroleerbare mensenmassa geraakt ook dit terras overbevolkt en begint de bamboe "van deeg" te kraken. Er ontstaat een lichte paniek. Ik was ook graag ergens anders geweest op dat moment, want het beste kan je het misschien nog vergelijken met de eerste rijen op een groot festival. Je kan nergens meer heen. Daarbij kwam dan nog dat ik een slinger van Vietnamese oma's aan mijn broek had hangen die al hun hoop op mij gevestigd hadden om hun naar boven te takelen. Omdat die bamboe zo hard kraakte en dat inderdaad niet zo veilig leek kwam er iemand opdagen met een grote bamboe stok en iedereen die op het terras zat een pakske slaag geven zodat iedereen van het terras moest. Na enkele vlagen van massahysterie links en rechts zag ik een paar meter voor mij één van de meisjes van onze groep. Het was Nadia, een Sloveense. Redelijk in paniek, al dan niet in premature shock werd ze aan de kant geperst. Ik heb mij ontdaan van de moemoekes (vraag niet hoe) en ben haar te hulp gegaan. Eerst wou ze niet mee door, omdat ze absoluut niet meer in die massa wou. En daarbij naar boven ging echt niet meer en naar beneden ook niet. Ik baande ons een weg door een winkeltje en een afsluiting om zo tot bij een alternatieve route naar boven te komen. Dat was via enkele gevaarlijke steile en scherpe rotsen, maar op dat ogenblik ons enige alternatief. Uiteindelijk boven waren we natuurlijk iedereen kwijt, inclusief Joke. We hebben daar wat rondgelopen, maar het was onmogelijk om in die mensenzee iemand te vinden. Tot ik opeens Joke zie staat. Met nogmaals, weliswaar lichter, duw-en trekwerk kom ik tot bij haar en zeg ik haar dat we beter terug naar beneden gaan. Dat was direct ok. We nemen de kabellift terug naar beneden en wachten daar tot iedereen van de groep is teruggekeerd. Uiteindelijk komt iedereen terug, al dan niet op tijd, maar heeft niemand de eigenlijke pagode kunnen zien door de enorme drukte.

De terugweg was ongeveer idem dan de heenweg, maar dan in omgekeerde richting natuurlijk. 's Avonds gaan we voor de laatste keer iets eten en drinken met Davy en Roos, want zij gaan verder in Vietnam naar Sapa terwijl wij een vlucht met de doodskist van Lao Air hebben geboekt naar Luang Prabang. Ik zeg doodskist, want met die maatschappij hebben al veel mensen hun laatste vlucht genomen. Maar tot het zover was hadden we nog een uitstap van twee dagen naar Ha Long Bay geboekt. Een baai voor de kust van (jaja) Ha Long die bekend is voor de vele kleine eilandjes die er liggen. Zo'n 1700 in totaal. We varen met een boot naar één van de vele mooie grotten, varen verder tussen de mooie rotsen en gaat tegen de avond nog een uurtje kano varen. Staan we daar terug aan onze boot, wie komt daar ook aan gekanovaart? Davy en Roos! We wisten dat zij ook op uitstap waren naar Ha Long, maar dat je elkaar dan weer tegenkomt in een kajak... We hebben zo op onze reis nog een paar mensen die we voortdurend tegenkomen, Andy is er zo ook één van. En er zijn ook nog de onbekende meisjes waarnaar wij refereren als "die met hun dikke tetten", die we al tegenkomt sinds Hue in Vietnam. 's Avonds spelen we shithead met een Hollands koppel, Erna en Tony en twee Zwitserse meisjes, Silvia en Ellie. Ik doe ook nog een goocheltruc met een paar van de Vietnamese bemanningsleden van onze boot en die liggen daar nu in bed denk ik nog wakker van. Dat was één van de grappigste dingen die we deze vakantie al gezien hadden... 's Anderendaags varen we nog wat rond, pikken we een paar nieuwe mensen op, zetten we er een paar af en varen we terug naar de haven, we eten daar nog iets en gaan terug naar Hanoi. Een rustige avond waarop we onze dvd collectie serieus hebben uitgebreid voor marginaal weinig geld, ook hebben we nog een mysterieus insectgeluid proberen te lokaliseren in onze hotelkamer, waarvoor we een heel bed uit elkaar hebben gehaald, maar we hebben het moeten houden op een goed verstopte houtwormsoort... En ja, daar mag je mee lachen.

18 februari 2009
De dag des doods was aangebroken. Althans, zo dacht Joke erover. Ze had alleen nog maar slechte dingen gehoord over Lao Airlines en als je een beetje googled is dat idd onmiskenbaar. Ik probeer haar gerust te stellen dat het eten aan boord lekker is :)
Een op de luchthaven blijkt dat we effectief met redelijk veel personen en bagage in een redelijk klein tweemotorig, door schroefjes aangedreven minivliegtuigje moeten. Maar het was dit of een aantal busritten maken van in totaal bijna 40 uur en onze route nogmaals omgooien. We zitten op zitje 5A en 5B. Als ik naar buiten kijk zie ik de rotor van de schroef angstwekkend dicht naast mijn raampje vliegen. Tot overmaat van ramp: ik heb geen gordijntje! Dat was wel het ergste wat we hebben meegemaakt want al bij al viel die vlucht nog goed mee voor zo'n vliegtuig. En toen waren we in Luang Prabang en daar zijn we nu nog steeds. We kunnen (of willen) er nog niet te veel over vertellen, maar het bevalt ons hier enorm...


Hue

Nog even rondgedwaald in Hoi An om dan in de namiddag de bus te nemen naar Hue. Een tocht van 4 uur. We konden ditmaal helemaal vooraan zitten en konden zo de prachtige landschappen en gevaarlijke stunts van de bussen en brommers goed zien. Die durven soms wel wat uithalen hier hoor. Voorbij willen steken, maar dan moeten stoppen omdat er een andere bus uit andere richting komt, inhalen op een berg, overal toeteren,... Onze bus reed niet bepaald snel. Ons record-snelheid was 60 km/ uur, maar meestal reden we zo'n 35 km/ uur. Op den berg reden we 5-10 km/uur. Tja dan doe je over 120 km inderdaad wel 4 uur.

In Hue aangekomen werd er al snel een hotelleke voor ons geregeld. Omdat we hier maar 1 nacht bleven, speelde het voor ons niet zo'n rol en zijn er maar op in gegaan. 8 dollar [ = 6.5 euro/ nacht] voor 2 persoonskamer met warm water, draadloos internet, airco, tv,... klinkt niet slecht e. Maar we zijn nu blij dat we er maar 1 nacht hebben moeten slapen. Muggen, stinkend deken, Nick kon niet rechtstaan in de badkamer, de keuken van't hotel gescheiden met een gaasje van onze badkamer, .... maar ik moet zeggen, er kwam veel water uit de douche in vergelijking met andere muggepiesstraaltjes van andere hoteldouches.

13/02: vandaag gaan we een bezoek brengen aan een weeshuis van de zusters van Heilige Paul van Chartres hier in de buurt. Het is een weeshuis, maar ook een centrum voor gehandicapte kinderen.
Er worden 100 weeskinderen en 20-tal gehandicapte kinderen opgevangen. Ook is er nog een kleuterschool voor ongeveer 400 kinderen.
Het weeshuis is volledig onafhankelijk van de staat en krijgt geen enkele subsidie om z'n werkingskosten te dekken.
Het weeshuis is afhankelijk van individuele giften. Ze werken dan ook vaak met meter-en peterschap zodat je een kindje in het weeshuis kan steunen.

Er zijn nog enkele lieve gulle schenkers geweest die nadat wij in Cambodja geweest zijn, ook nog geld gestort hebben.
We kunnen nu nog 280 euro besteden aan een goed doel. We beslissen 120 euro te besteden aan het weeshuis.

We worden vriendelijk ontvangen door 2 nonnekes. 't Is wel in't Frans, da's wa moeilijker voor mij. Het is beter als toerist zelf geen dingen te kopen, ze zouden ons toch in't zak zetten. Aan toeristen vragen ze 4 X zoveel. We beslissen om de centen dan toch maar zo te schenken. Nonnekes zijn altijd heel eerlijk e, we hebben er het volste vertrouwen in dat ze het geld enkel aan de kinderen besteden.
Zuster Chantal vertelt dat ze melk met het geld zullen kopen. Met de 120 euro, kunnen ze de allerkleinste kinderen ongeveer voor 2 maanden van melk voorzien.
We laten onze gegevens achter, zodat ze foto's kan opsturen.
We gaan eens bij alle kindjes kijken. Het is net etenstijd. Bij de kleinsten weerklinkt een schoon blijt-concert. De kleutertjes vinden het leutig dat we langkomen. Ze zwaaien allemaal enthousiast naar ons. Ze vinden het heel amusant als we foto's van hun trekken. Ze gaan uit de bol.
Ik ben een beetje onder de indruk hoeveel kindjes er wel niet zitten. Vele kindjes hebben geen ouders. Diegene die wel ouders hebben, blijven ook in het centrum slapen. Ze slapen met z'n allen op houten planken.
Zuster Chantal is echt een lieveke, geweldig om te zien hoe zij met de kinderen omgaat. (Ze kent ze trouwens allemaal, meer dan 400 bij naam, chique e).

Voor de rest van de dag gaan w de keizerlijke stad bezoeken, waar we niet echt van onder de indruk zijn. Later doen we een toertje van een uur in een riskja (fiets met wagentje)(dat hadden we nog niet gedaan).


Hoi An

12 uur nachtbussen. We hebben eens voor een slaapbus gekozen. 't Was best te doen. Voor Nick was het wel wat krap, maar allersinds toch luxueuzer dan een zitbus.
We werden verrast door de eerste regen toen we een nachtelijke plaspauze met de bus maakten. Zal straks wel over zijn, dachten we. Spijtig genoeg niet. In de miezerige regen een guesthouse zoeken, was even geen pretje. Uiteindelijk leuk hotelleke gevonden, aan de rivier. En het bleef maar regenen. Nick heeft van de gelegenheid gebruik gemaakt om te werken. Ik zen eens op m'n gemakske in bad geweest (den eerste keer dat we een bad hebben, en zelfs een proper). In de late namiddag ben ik het dorpje dan al eens gaan verkennen. Gezellig dorpje, het historisch centrum is beschremd door Unesco. Het dorpje is gespaard gebleven van de bombardementen van de oorlog. Er zijn superveel souvenirwinkeltjes (ditmaal eens met mooie spullen). Ook super veel kleermakers. Den ene naast den andere. De prijs van een kledingstuk viel best mee. Ik heb me zelfs een kleedje laten maken. Makkelijk, je ziet iets hangen, maar wilt er toch iets aan veranderen (iets ander model, andere kleur, tekening), geen probleem, ze nemen uw maten open enkele uren later heb je een kleedje naar uw wens. Geweldig als je net zoals ik niet houdt van tussen de rekken snuffelen voor kleren.

's avonds is Hoi An ook een zeer gezellig dorpje. overal zie lichtjes en lampionnekes. Op weg naar het oude centrum, passeren we een groep oude zingende vietnamezen aan een rijkelijk gevulde tafel. Geweldig om even te volgen. Stiekem wil ik een foto van ze nemen. Dat hadden ze natuurlijk gezien. We werden direct uitgenodigd bij hen te komen zitten en mee te drinken en vieren. Slechts één enkele sprak een heel klein beetje Engels. Wat we ervan konden opmaken vierden ze een soort klasreunie. het waren allemaal 50-ers die al 30 jaar bevriend waren en om de 10 jaar kwamen ze eens samen voor een groot feest. Yes, daar waren we bij. Iedereen wou met ons komen babbelen. Wij spreken helaas geen Vietnamees. Ze konden geen woord engels. Yes en No, ging nog. En maar uitleggen tegen ons. Op het filmpje kan je zien hoe een klasreunie wordt gevierd in Vietnam. 't was de moeite. Na een half uurtje smeren we'm toch wel en gaan nog even langs een reisbureau. We boeken een daguitstap naar My son, een vliegticket voor 18 februari naar Laos en ons busticket naar de volgende twee haltes. We hebben niet zoveel geld op zak en de bankautomaat zat ook zonder biljetten. Nick is dan vanachter op de brommer met de eigenares van het reisbureau op zoek gegaan naar centen. Joke bleef alleen achter in de winkel. 'Hou jij mijn winkel in't oog Joke?' 'Tuurlijk'. Ik kon helaas niet antwoorden op de vragen van de binnenkomende toeristen.

We maken een halve-daguitstap naar My son. Het is de belangrijkste archeologische vindplaats van de Chambeschaving. Voor ons, de niet archeologen, waren het enkel oude, soms mooie, maar soms ook wa puinsteenachtige-tempels. Onze gids was een beetje te enthousiast voor ons. (grote gebaren en gekke vervormde stem). We waren trouwens de tiger group. Het landschap rond de My son tempels was wel heel mooi.
Met de boot vaarden we terug richting Hoi An. Onderweg stopten we in een eiland-dorpje waar we enkele ambachten konden bewonderen.

In de late namiddag werkt Nick nog wat, ik probeer een Vietnamees hier uit te leggen wat ik een mooi kleedje vind. Amai ik en m'n engels. haj haj. Ik ben eens benieuwd wat ze er van maken. We sluiten de avond af met een gezellig etenje.


Nha Trang massage

We hadden nog enkele uren door te brengen. Wat zouden we doen.
Er zou massagesalon zijn die uitgebaat werd door blinden. De beste massage van Vietnam zeiden ze ons. 35.000 dong voor een uur (= 1,5 euro). Dat konden we wel eens proberen. Een brommertaxi naar de blindenmassage genomen.
Er was een jonge gast, die daar toevallig was, die engels kon. We vertelden hem dat we massage wilden, maar niet onze rug (Nick) en buik (Joke), want die waren verbrand. Ze deden alle massages: hoofd, armen, voeten, benen, gezicht dus genoeg lichaamsdelen om nog gemasseerd te worden dachten we. Hij raadde ons dan toch een lichte massage aan voor de rug. Ze zouden het dan rustig aan doen.
Ok, wij met 3 naast elkaar (er was ook nog een vietnamees meisje), met gordijn ertussen op een tafelke. Minuutje later komen er 3 blinde meisjes binnen.
En toen begon het. De marteling. Voor Nick nog wat erger als voor mij.
Bijna zonder olie, kei hard met hun handen (een beetje zoals je pizzadeeg kneed) over onze rug. Nick heeft in z'n kussen moeten bijten en in de tafelpoten moeten knijpen om niet te roepen. Van dat rustig aan doen, was niet echt sprake (ze waren er niet over ingelicht dus). Er werd ook vaak met volle hand op onze rug geslagen (methode hier), geen pretje. Daar lagen wij, die blinde meisjes onze rug masseren, ze konden geen woord Engels en zagen dus ook niet dat onze ruggen rood zagen. Hmmm wat moesten we doen. We hebben doorgezet en de pijn verbeten. Gelukkig waren de armen en benen minder pijnlijk. Soms zelfs aangenaam. Er kwam soms wel wat getrek en geduw en geklap (geklets) aan te pas. Ik had een beetje bang wat dit met mijn ex-gebroken been zou doen. Eenmaal het blinde meisje aanstalte maakte mijn rechterbeen te bewerken, maakte ik haar duidelijk voorzichtig te zijn door haar hand over littekens te laten gaan en maar ai ai ai te roepen en daarna sssshhhht. Tja hoe leg je zoiets anders uit aan een vietnamees-niet engelssprekende blinde. Ik denk dat ze het verstond. We voelden de massage nog enkele uren erna.


Nha Trang

We kunnen in Nha trang bij Richard verblijven. Een Canadees die we hebben gevonden via de couchsurfing website. We gaan dus nog eens couch surfen. Richard is een hele vriendelijke kerel van 37 jaar die ooit nog in het leger gezeten heeft, maar nu een duikshop uitbaat. Alles is altijd ok voor hem, je kan doen en laten wat je wil (bijv. in zijn bed liggen en tv kijken of playstation spelen op zijn grote flatscreen, enz...) Er zijn nog 2 andere (Amerikaanse) couchsurfers. We slapen met z'n allen in de keuken op'n matje. Pas 's morgens maken we kennis met hen (sliepen gisteren al). Jim en Amy, een tof Amerikaans koppel dat 2 jaar in China woonde en er de chineese kinderen engels leerden. Ze vertellen hun reiservaringen... het is aangenaam om naar hun verhalen en vooral expressie te luisteren. Grappig.

We huren een brommerke en gaan op zoek naar de muth baths. Het duurt even voor we't gevonden hebben, maar we zijn er geraakt. We nemen de optie modderbad - mineraalbad - zwembad. We mogen met 2 in een kuip kruipen, terwijl de modder erin stroomt. Zo een bad vol modder, het is eens iets anders. Ik drijf in de modder,'t is moeilijk om dan in zo'n kuip te blijven zitten. Omvallen, geen plaats,... Na een half uur moet je dan opdrogen en daarna de modder eraf douchen. We krijgen daarna nog een privebad met lekker warm water. Het zwembad hebben we gelaten voor wat het was (het water was 38 graden), we vonden het leuker rond te toeren op ons brommerke, we moeten nog een bijna volle tank leeg rijden tegen de avond.

Terug bij Richard thuis, treffen we nog 2 andere couchsurfers aan. 2 Belgen. Davy en Roos ( ze maken een wereldreis van een jaar, ze zijn van de kanten van Gent) De eerste belgen die we tegenkomen. We zouden nu kunnen vertellen hoe leuk en geweldig zij wel zijn, maar zij lezen deze blog ook en we zouden niet willen dat ze een dikke nek hebben als we ze straks in Hoi An of nog later in Laos tegenkomen. 's Avonds gaan we met alle 6 de couchsurfers op stap. Het is heel vermakelijk om te luisteren naar verhalen over chinese wc`s, Amerikaanse patatten, misverstanden van 15 miljoen euro, ... en ondertussen zoveel mogelijk gratis drank te versieren. Jim en Amy vertrekken iets vroeger dan de rest omdat zij `s morgens vroeg een bus moeten pakken. De vier Belgen gaan nog even door. Iets te hard voor sommigen zal `s anderendaags blijken.

Vandaag doen we een snorkeltrip. Nu de Amerikanen weg zijn schieten we nog met ons vieren over. `s Nachts was al gebleken dat er iemand langdurig gebruik had gemaakt van de badkamer om verschillende redenen en de schommeling van onze boot op de golven bevestigde het eens te meer. Het was Roos die niet meer het frisse bloempje was van de dag voordien, maar kwam nu meer voor de dag als een slappe tak waarvan de meeste blaadjes verloren waren. Terwijl Nick en Joke het soms ook niet voor de wind hadden. Davy was op dat moment de enige die niks mankeerde, maar die had een ontmoeting met Cambodjaanse rijstwijn nog vers in het geheugen. En we zouden het bijna nog vergeten, maar de visjes waren ook schoon.

We vullen de rest van de namiddag met een paar terrasjes, een spelleke voetbal, niet zwemmen in de dodelijke zee, een douchke en het avondeten. We zwaaien Davy en Roos uit, maar weten dat het waarschijnlijk niet voor lang zal zijn...


Mui Ne exursie

We doen nog snel een exursie. De duinen en the fairy stream.
De zon op onzen bol, wij de duinen beklimmen. Van te voren hadden we bij kinderen een slidingmat genomen om ne keer kei hard van de duinen te komen. Helaas. die race ging niet door. Tegen 5 km per uur kwamen we den berg af (het matje half ondergegraven). Wat een tegenvaller. Maar de duinen waren wel subliem mooi.
De volgende stop: 'the fairy stream'. Een stroompje dat naast mooie rode zand-duin-bergen loopt. Om de waterval te bereiken moet je door het water lopen. in't begin wat aarzelend. Het water leek niet echt proper en rook ook niet echt naar bloemetjes. Ik kwam dan ook nog eens een slang(etje) tegen in't water, grrrr. Maar er waren vele andere die ook gewoon door het water liepen, dus konden we ons toch ook niet laten kennen e. We hebben de waterval bereikt, jej. Aan de kant van de rivier groeit het trouwens vol klaverkes vier. We zijn op tijd teruggekeerd naar ons guesthouse en hebben daar nog even genoten aan't zwembad. De komende 5 uur zijn in een bus op weg naar Nha trang.