Na een niet ongevaarlijke 5 uur durende busrit door de bergen van Laos zijn we waar we moeten zijn. In Laos krijg je een stoelnummer toegewezen als je je ticket koopt. Het kwam zo uit dat Joke in ik niet naast elkaar zouden zitten, maar achter elkaar en naast iemand onbekend dus. Joke zat goed, achteraan aan de raam, maar ik zou naast een Chinees moeten zitten die blijkbaar de dag voordien een serieus aantal tenen knoflook had gegeten. Dat was niet aangenaam! Joke rook het ook en ik denk de rest van de bus ook, maar het was het ergste als je in zijn directe nabijheid zat. Naast Joke zat nog niemand dus ben ik door die geurhinder een plaats naar achter gegaan in de hoop dat ik daar zou kunnen blijven zitten. Even later duikt er een Laotiaan op die beweert op mijn plaats te moeten zitten, maar ik wimpel hem af met wat gebrabbel en zeg dat hij naast Chi-nasty mag gaan zitten. Natuurlijk merkte ook hij direct wat er uit onze gele stinker kwam (en dit is echt niet overdreven) en ging hij zo ver mogelijk naar rechts zitten op zijn stoel, bijna in de gangpad. Even later zet hij ook nog de raam open. Joke zat ondertussen te kokhalzen en ik had de papieren lekker geurende zakdoekjes die ik nog had van in de vliegende doodskist (zie vorige verhalen) een vaste plaats onder mijn neus gegeven. Eens aan het rijden viel het al bij al nog mee, alleen wanneer hij zijn mond voor iets opendeed zal heel de achterste rij van de bus het geweten hebben.

Onze slaapplaats in Vang Vieng hebben we gevonden in het toepasselijke Vang Vieng Guesthouse midden in het centrum. Dit dorpje is prachtig gelegen aan de rivier, helemaal omringd door bergen. Hier komen vooral backpackers. Er hangt een heel ontspannen sfeer en in de talrijke cafés en restaurantjes die hier zijn kan je non-stop (meestal) Friends, Family Guy, The Simpsons, alle soorten voetbal of een film kijken. Dat hebben we dan ook de eerste dag gedaan, plat gaan liggen en in totaal een stuk of 15 afleveringen Friends gekeken. Dat lijkt veel, maar dat is hier echt een Friends-marathon toestand en ondertussen hebben we ook nog wat gegeten, gedronken en de trip voor de volgende dag geboekt. We gaan een trekking doen naar een paar grotten, dorpjes en als afsluiter TUBEN. Tuben? Zoals op een koersfiets? Nee, een grote binnenband van een traktor of ander grote machine. Later meer hierover.

22/2
We gaan eerst naar een redelijk muffe grot, eerder een groot uitgevallen kapelleke zoals dat in de grotstraat in Arendonk. The elephant cave, omdat er een aan de muur een stalagmiet/tiet formatie hangt/staat die op een olifant moet gelijken. Ok, het lijkt erop, maar volgens mij bijgeschaafd door de plaatselijke beeldhouwer. We wandelen verder en doorkruisen een paar dorpjes, een sawaidee (goeiendag) hier en daar en komen aan bij de ingang van “the water cave”, tevens ook de plaats van onze picknick. Meestal krijg je op zo’n uitstapjes een bak rijst en een fles water toegestopt, maar nu was het BBQ. De bak rijst en het water was ook van de partij, maar bijzaak, er liep zelfs iemand rond met ketchup die kwam bijsausen indien gewenst. We zaten dus bij de water cave, die logischerwijs onder water staat. Om erin te kunnen neem je een tube en een lamp voor op je hoofd en drijf je jezelf m.b.v. een touw dat aan de kant is vastgemaakt in de grot. Het was toen dat we pas echt ontdekte dat we een extreem grappige figuur in onze groep hadden. Een dikke Koreaan, en als dat nog niet grappig genoeg is, hij deed ook heel grappig. Zo paste hij bijvoorbeeld niet in de tube, dreef direct het touw voorbij, kon niet zwemmen, brabbelde constant inzichzelf, enz… De grot was geweldig, echt avontuurlijk. Een donkere onder water gelopen gang in die we een 100m volgden, daar gingen we aan “land”. We zouden te voet verder kruipen. Voor Joke ging dit niet met haar been dus die wachtte alleen(!) daar in de donker. Na 5 minuten waren we al terug bij Joke, maar het was wel echt de moeite! We gaan de grot terug uit zoals we erin zijn gegaan. (Al lachend met onze Koreaanse vriend)

Op onze verdere weg passeren we een dorpje waar ze op zondag altijd hanegevecht houden, niet twee mensen die bij elkaar in de rug zitten, maar met echte kiekens en gokkers. Joke was hier redelijk gevoellig voor en die hanen zien er ook wel niet uit, maar soit, hondenrennen hebben ze hier niet. Na een tijdje komen we dan aan bij het begin van ons tubing avontuur. Dit is iets waar ik echt naar uitkeek. Tuben is simpel. Je gaat in je band liggen en drijft in de rivier. Klinkt saai, maar moet je weten dat er aan de over van die rivier massa’s bars zijn, elk met hun eigen kabelbaan, swing, glijbaan of ander spectaculair attribuut. Ik was blij als een baby. Omdat we in groep zijn kunnen we vandaag niet overal stoppen en doe ik vandaag enkel de spectaculairste dingen. We besluiten de volgende dag een brommerke te huren en terug te komen.

23/2
We toeren wat rond op onze marginale Honda om uiteindelijk terug bij de bar aan het water te komen. Als je uit het water komt krijg je een shot wiskey, als je iets gaat bestellen krijg je een shot wiskey en soms krijg je gewoon een shot wiskey. Ik bestel voor Joke een pineapple shake en ze vragen wat erin moet, wiskey of wodka. Ik zeg geen van beiden, waarop ze me heel vreemd aanstaren. Ik blijf bij mijn vaste waarde, Tiger Beer. We komen een paar oude bekenden tegen waar we een praatje mee maken, ik bengel wat aan de circusaccomodatie en we amuseren ons. Een beetje te goed want tegen dit tempo zou het moeilijk worden om nog met die brommer heelhuids thuis te geraken. (Joke was ondertussen ook overgeschakeld op iets met alcohol) Verantwoordelijk als ik ben breng ik ons veilig en op tijd terug om te eten en toeren we nog wat rond aan de andere kant van de stad. Eén van de meisjes die we tegenkwamen in de bar zei ons dat we ’s avonds naar de Bucket Bar moeten komen voor een feestje. Dat doen we. Daar werkt mijn paljas t-shirt weer als belgen-magneet en al snel zitten we bij Wouter en Thomas uit Antwerpen. Zij zijn hier ook net als ons wat langer blijven plakken dan gepland omdat tuben toch zo leuk is. 1 bucket is nog steeds een emmer wiskey of wodka met ijs en een beetje frisdrank en zo hebben we er een paar tot ons genomen. Een paar teveel zal later blijken. We zien later beide onze wc nog van heel dichtbij, hoewel ik van te voren al ziek was en overleefde op een medicijnencocktail van Brufen, malariapillen en immodium en in de eerste plaats misschien beter geen pinten was gaan drinken. Maar goed dat alles daar vroeg sluit want tijdens dit schrijven ligt Joke nog steeds mottig te wezen en zegt me net dat ze NOOIT meer wiskey gaat drinken. Ook al heeft ze er vandaag alles aan gedaan om beter te worden: half uur op de grond in de douche zitten, slapen, kotsen “gellek ne wilde”, the usual… By the way, met mij is alles tip top.

Het is nu half negen ’s avonds en je mag twee keer raden wat we vandaag gedaan hebben.

Inderdaad, maar… easy.